dagwaarde-auto.com dagwaarde-auto.com
Al 1.134.0 mensen gingen u voor!
RDW erkende autobedrijven
100% veilig uw auto verkopen:
  • Snel & anoniem uw auto verkopen
  • 5.000 professionele autoinkopers
  • Al meer dan 100.000 auto’s verkocht
  • Gegarandeerd veilige afwikkeling
  • Uw auto gratis verkopen
Testimonials van bestaande gebruikers...
0 modellen:

Wat is de dagwaarde van mijn auto?

Als jij je occasion wilt verkopen, dan is het verstandig vooraf de dagwaarde van je gebruikte auto te bepalen. De dagwaarde zelf bepalen is slechts voor enkele consumenten weggelegd. Je kunt ook hulp inschakelen van bijvoorbeeld Dagwaarde-Auto.com. Ons team berekent geen enkele kosten voor het taxeren van je auto. Laat daarom vandaag nog gratis, snel en anoniem de bepalen door ons!

Auto laten taxeren voor verkoop

De reden waarom jij de huidige dag waarde van de auto wilt bepalen maakt ons niet uit. Het kan zijn dat je nieuwsgierig bent, maar het kan ook zijn dat je bezig bent met de verkoop van je auto. Meld je auto aan door het kenteken en de kilometerstand in te voeren. Nadat onze aangesloten professionals de auto hebben getaxeerd, ontvang je het hoogste taxatie bedrag. Je kunt op dit moment beslissen de auto direct te verkopen met een druk op de \\\\\\\'auto verkopen\\\\\\\' knop. Alle taxaties zijn bij ons tegelijkertijd gegarandeerde biedingen.

Auto online verkopen

Het grootste voordeel van ons concept is dat de vastgestelde auto dagwaarde ook gegarandeerde inkoopvoorstellen van aangesloten auto inkopers zijn. Wij werken samen met ruim 5.000 erkende merkdealers, universele garages, auto-exporteurs en schade specialisten die de aanmelding van jouw auto kunnen inzien in een afgeschermde autoveiling. Dit is bovendien voor jou geheel anoniem. Pas als jij akkoord geeft op het hoogste taxatie bedrag, worden jouw privé gegevens vrijgegeven aan enkel de kopende partij!
 
Stap 1 van 3
 
 
Kenteken van uw auto
 
Nieuws:
  • Afgerond en online: het vervolgrapport over de innovatie in het Openbaar Bibliotheekwerk


    Van augustus tot half oktober werkte ik in opdracht van het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken (SIOB) aan het actualiseren van een rapport van 2013: de Inventarisatie Innovatie Openbaar Bibliotheekwerk. Dat rapport staat nu online, met een toelichting van het SIOB erbij.

    Het was een mooie opdracht, die het instituut me -net als vorig jaar- vrijwel geheel naar eigen inzicht liet uitvoeren. Heerlijk vind ik dat. De werkvrijheid betekende echter niet dat de opdracht zo eenvoudig was als ik op voorhand had ingeschat. Waar ik verwachtte er minder werk aan te hebben dan in 2013 werd het juist méér werk, ondanks de prettige samenwerking met Johan Stapel en Adeline van den Berg. Hoe dat kwam? Er waren deze keer meer respondenten en omdat de innovatieraad dit jaar daadwerkelijk aan de slag gaat met het geheel, waren er ook meer factoren die een rol speelden bij het verwerken van alle input.

    Uiteindelijk werd het een document met een longlist die die naam met recht draagt. Of alle projecten ook echt innovatief zijn laat ik in het midden. Mijn taak beperkte zich in dezen tot het inventariseren
    als zodanig. Ik heb natuurlijk wel een mening. Dit gaat tenslotte toch over een thema waar ik al jaren over schrijf. Maar die mening volgt later. Jan van Deursen heeft me via Skype geïnterviewd over het project, voor een publicatie van SIOB die tijdens het Nationaal Bibliotheekcongres in december gepresenteerd zal worden. Hij heeft het wel pittig neergezet, maar al met al kan ik me goed vinden in zijn weergave van ons gesprek. Afgelopen maandag had ik een afspraak met de vormgever en fotograaf, Thomas P Sciarone en Pim Top. Twee mooie kerels uit Rotterdam waar het meteen mee klikte toen ze aan mijn cd-kast zagen dat ik ook wel van rafeldingetjes houd. Dat komt wel goed, met die publicatie.

    En over het rapport zelf dan? Dat moet je zelf maar beoordelen. Het is vooral een opsomming met een toelichting. Er is maar een echte, persoonlijke conclusie, en die heeft alles te maken met de invloed van bezuinigingen. Want één ding is zeker: er wordt op dit moment ontzettend veel verder naar de filistijnen geholpen, ook innovatie. Het is triest, maar het is waar.
    Vorig jaar viel op dat er vrijwel alleen –grotendeels uitgewerkte- projecten werden ingezonden en nauwelijks ideeën of  ontwerpen. Voor de geactualiseerde innovatie werden ook 4 projecten ingezonden door groepjes individuen, die zijn voortgekomen uit de 2 zogenoemde innovatiedoedagen  (georganiseerd in het kader van de Innovatieagenda). Het is niet alleen interessant om te constateren dat die dagen blijkbaar concrete ‘projectvruchten’ afwerpen; het is ook mooi om te zien dat die vruchten zijn bedacht en worden gedragen door mensen uit zeer uiteenlopende organisaties. Dat ‘werken over de grenzen van het eigen instituut’ zie je bij de geregistreerde projecten van bibliotheekorganisaties slechts in beperkte mate.
    Wat in de inventarisatie niet goed tot uitdrukking komt, maar zeker niet onvermeld mag blijven, is dat uit de interviews en mailwisselingen met verschillende sleutelfiguren uit de bibliotheekbranche een verontrustend beeld naar voren komt over de invloed van de bezuinigingen op de innovatie in het openbaar bibliotheekwerk. Projecten die lopen kunnen weliswaar worden voortgezet maar het werd ook duidelijk dat veel projecten zijn toevertrouwd aan (te kleine) teams, die vaak meerdere projecten tegelijk moeten trekken. Zo nu en dan wordt zelfs expliciet bedankt voor nieuwe projecten –zelfs als daar een subsidie tegenover staat- omdat bezuinigingen de inzet van bestaande medewerkers, of het werven van nieuwe, onmogelijk maken. Deze uitingen wekken de indruk dat innovatie in het openbaar bibliotheekwerk vaak kwetsbaar is. Hoe kwetsbaar precies zou nader onderzocht moeten worden, maar het lijkt niet te voorbarig om te stellen dat krachtenbundeling binnen innovatie meer dan ooit noodzakelijk is. 

    Gerelateerd:
    De actualisering van de Inventarisatie Innovatie Openbaar Bibliotheekwerk SIOB

    @

    Afbeelding: Colossal op Tumblr
  • Wij zijn De Stad mag door

    Vinden we leuk! De eerste drie maanden van de proef Wij zijn De Stad vlogen voorbij, maar deze week liet de VOM weten dat er verlengd wordt met drie maanden. Wensen of suggesties? Laat het ons weten! We staan overal voor open, vooral voor samenwerking :-)

    Meer over het initiatief in Wij zijn De Stad: een pilotproject voor de ondernemers van Middelburg centrum.

    @
  • Gezocht: historische foto’s en verhalen van en over Walcheren

    Met Middelburgdronk.nl en de zustersites hopen we een steentje bij te kunnen dragen aan het beter zichtbaar en vindbaar maken van (gedigitaliseerd) cultuur erfgoed uit de regio. Natuurlijk bestaan er al veel websites waar dat erfgoed is verzameld maar juist dat grote, versnipperde aanbod zorgt voor een informatieprobleem. Als je alles wilt weten over de geschiedenis van een persoon, een pand, een winkel of een horecagelegenheid kun je weken zoet zijn met het spitten in bronnen als de Beeld- en Krantenbank Zeeland, Het Geheugen van Nederland, of de Beeldbank van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Wij putten voor onze websites uit minstens dertig verschillende bronnen.*

    Nu denken veel mensen dat je de inhoud van al die websites eenvoudig kunt vinden en doorzoeken met behulp van zoekmachines, maar dat is lang niet altijd het geval. Google kan bijvoorbeeld niet bij de miljoenen gedigitaliseerde pagina’s die in krantenbanken zijn opgeslagen. Die moet je ter plekke doorzoeken, en dat niet alleen; je moet ook rekening houden met oude spellingsvarianten en de goede combinaties van zoektermen. Hetzelfde geldt voor veel online fotocollecties. De inhoud van sites als Gahetna.nl kun je doorzoeken met Google, maar als je zoekt op een Zeeuwse straatnaam leidt de zoekmachine je maar zelden naar de Beeldbank Zeeland. Google heeft beperkt toegang tot de database en kan dus ook geen informatie herleiden uit de beschrijvingen bij de afbeeldingen.

    Ook aan onze sites valt nog veel te verbeteren, maar ze hebben als voordeel dat zoekmachines er wél raad mee weten. Het is niet voor niets dat we hebben gekozen voor het platform dat ook wordt gebruikt door Wikipedia, een website die vaak opduikt in zoekresultaten. Die keuze heeft z’n vruchten afgeworpen. Zo zijn alleen al de ruim 22.000 pagina’s van Middelburgdronk.nl bijna 7,5 miljoen keer bekeken. Statistieken mogen dan leugens zijn, maar wij vinden het zelf best indrukwekkend. En bemoedigend.

    We zijn dankbaar dat we uit al die bronnen – en daarmee uit het goede werk van anderen – kunnen putten, maar dat doet niets af aan het feit dat er nog veel informatie ontbreekt. Mensen sturen ons regelmatig foto’s en verhalen toe, maar wat ons betreft zou dat vaker mogen gebeuren. Daarom een oproep: heb jij historische foto’s van Vlissingen, Middelburg of de gemeente Veere, en wil je die graag delen op internet? Stuur ze dan naar ons op! Als je ze niet digitaal hebt kunnen wij ze ook scannen. Verhalen zijn ook welkom. Natuurlijk het liefst over de horeca, maar er zijn zoveel dwarsverbanden dat dat niet eens noodzakelijk is. We kunnen er bijna altijd wel iets mee. Aardig om te vermelden in dit kader is dat je ons op zaterdag 1 november kunt ontmoeten in het café van het Zeeuws Archief in Middelburg, tijdens de open dag van die instelling. Kom gerust langs met die oude schoenendoos vol foto’s, we maken maar wat graag kennis met je!

    *Een overzicht van de belangrijkste bronnen die wij gebruiken is te vinden op de pagina 'Bronnen Middelburg Dronk'.

    @

    Deze bijdrage verscheen eerder in de rubriek Barcodes van de PZC.
    Foto: Beeldbank Zeeuws Archief
  • De kilheid van boekloze bibliotheken

    Papierloze bibliotheken worden steeds gewoner, met name in de onderwijswereld. Ze zijn een logische vervolgstap in de digitalisering van informatievoorziening. De onlangs geopende Florida Polytechnic Library in de Verenigde Staten is het meest recente voorbeeld. Het is een indrukwekkende bibliotheek, die echter ook een gevoel van onbehagen oproept.

    Het gaat te ver om te beweren dat boekloze bibliotheken anno 2014 als paddenstoelen uit de grond schieten, maar inmiddels kan wel worden vastgesteld dat berichten over dergelijke bibliotheken wereldwijd steeds vaker opduiken. Ook InformatieProfessional besteedde dit jaar een paar keer aandacht aan het thema, zoals in het artikel over het papierloze BiblioTech in Bexar County, Texas en – in het vorige nummer – in het interview met Ria Paulides, over de plannen van Hogeschool InHolland om in september 2015 een 100% digitale bibliotheek te realiseren.

    Maar zelfs als je digitalisering een warm hart toedraagt is het even slikken als je foto’s ziet van de ruimtes die als vervanger van de traditionele bibliotheken moeten gaan fungeren. Bovenstaande foto van Kathryn Miller, directeur van de bibliotheken van de Florida Polytechnic University (FPU), illustreert dat gevoel van onbehagen goed. De centrale ruimte (the commons) van de onlangs geopende, papierloze Florida Polytechnic Library heeft een kille, klinische uitstraling die nauwelijks past bij de glimlach van de vriendelijke bibliothecaresse. De bibliotheek als zodanig is onherkenbaar geworden.

    Desondanks zijn de feiten over de bibliotheek indrukwekkend. Library Journal zette die onlangs op een rij. De bibliotheek is bijna 3400 vierkante meter groot en maakt deel uit van het door de Spaanse architect Santiago Calatrava ontworpen IST-gebouw (Innovation, Science and Technology), dat 60 miljoen dollar kostte. De bibliotheek bevat geen gedrukte boeken meer, maar de studenten hebben de beschikking over 135.000 digitale titels. Als zij toch papieren boeken willen lenen kunnen die worden aangevraagd bij andere universiteiten in Florida, via interbibliothecair leenverkeer. Daarnaast heeft de bibliotheek een jaarlijks budget van 60.000 dollar om uit te geven aan licenties voor e-books die studenten willen raadplegen, maar die niet in de collectie aanwezig zijn. Als een titel twee of meer keer wordt geraadpleegd schaft de bibliotheek het boek alsnog aan.

    De bibliotheek biedt de 500 eerstejaars studenten 30 pc’s in de commons en een aantal laptops en tablets elders op de campus. Er zijn ook 12 laptops en 12 tablets beschikbaar voor uitlening. De bibliotheek beschikt over 12 ruimtes met grote presentatieschermen, waar studenten kunnen samenwerken aan projecten. Traditionele printers zijn nog wel aanwezig, maar studenten worden gestimuleerd om het ‘Build Your Own Poly Library-systeem’ te gebruiken, een platform van ProQuest Flow, waarmee je informatie organiseert in de cloud. Voor andere vormen van printen beschikt de bibliotheek over een Lab met 55 MakerBot 3D printers en scanners.

    De Florida Polytechnic Library is klaar voor de toekomst. Miller vertelden InformatieProfessional desgevraagd dat ‘enorm veel’ bibliotheken interesse hebben getoond voor het model van haar bibliotheek omdat vrijwel al die bibliotheken nog op zoek zijn naar de juiste balans tussen papieren en digitale collecties. Het concept zal onvermijdelijk navolging krijgen en daar valt weinig tegenin te brengen. Maar juist daarom denken we met enige weemoed terug aan de fraaie leeszalen van weleer, vol boekenkasten. Noem ons gerust ouderwets. Daar werden we gewoon warmer van.

    @

    Dit artikel verscheen eerder in IP 7, 2014
    Foto: FPU

  • De arcades van de jaren 80: gezellig gamen in de horeca

    Wat is het toch jammer dat de behendigheidsspelen van weleer uit de cafés en cafetaria’s zijn verdwenen. Natuurlijk, in veel zaken kun je nog altijd darten, poolen, of een potje tafelvoetballen maar als je zin hebt om te flipperen, of een videogame te spelen, kom je meestal bedrogen uit. Tot vorig jaar was er in ieder geval nog één kroeg op Walcheren waar een flipperkast stond. Die is inmiddels ook verdwenen. Misschien staan er hier en daar nog in Vlissingen of de gemeente Veere, maar ik zou niet weten waar.

    Het ligt voor de hand om te denken dat het digitale tijdperk de zogenoemde arcadespellen heeft doen verdwijnen (op Wikipedia worden die omschreven als ‘muntslikkende vermaakmachines’) maar er zijn meer oorzaken. Als je begin jaren 90 bij kroegbazen informeerde waarom de flipperkast was weggehaald mompelden ze meestal iets over de kwetsbaarheid en onderhoudsgevoeligheid van de machines. Dat was blijkbaar ook een reden om ermee te stoppen. Je zag vervolgens nog wel een paar jaar het arcadespel Photoplay als alternatief maar ook dat raakte geleidelijk uit beeld. Alleen de fruitautomaten overleefden; die genereerden nu eenmaal veel omzet. Voor sommige horeca-exploitanten waren ze zelfs de redding. Zonder de inkomsten van gokkasten zouden ze zonder meer op de fles zijn gegaan.

    De ontwikkelingen doen je met enige weemoed terugdenken aan de jaren 80. In de eerste vijf jaar domineerde de flipperkast. Je speelde overal. Als je te jong was voor het café kon je terecht in de foyer van het Citytheater in de Lange Delft, waar je met een kwartje zonder veel moeite een vrij spel kon scoren. Niemand dwong je daar tot het nuttigen van een consumptie bovendien. Vermaak won het van winstbejag. In de ‘natte horeca’ was dat anders, maar ook daar was men soepel. Ik herinner me nog goed de periode dat we voor het eerst uitgingen in Middelburg. Zaten we eerst een paar uur Ghost ’n Goblins te spelen op drie colaatjes in café De Bloesbak, en sloten we de avond af in dancing La Folie, waar we tot twee uur ’s nachts Wonderboy speelden, met ons zuurverdiende bessenjenevertje. Nu gluurt de jeugd naar het andere geslacht vanachter het kleine scherm van het mobieltje, toen vanachter het grote scherm van de arcadekast.

    In de snackbars van toen was het helemaal een feest. Het waren ontmoetingsplekken, en voor veel jongeren de voorlopers van het latere kroegleven. Die functie heeft menig cafetaria nog steeds maar het is anders nu. Toen hing je er de hele dag en stond de arcade centraal in het contact met je vriendjes. Martin’s Automatiek (later Fonsie’s) op de Markt stond er zelfs bekend om. Tegenwoordig verloopt het contact mobiel, via games en Whatsapp. Daar is weinig mis mee, maar het beeld verleidt tot vreemde uitspraken. “In onze tijd stonden we tenminste nog gezellig achter een videogame, met z’n allen.” Iets zegt me dat ik dat gevoel aan mensen van voor 1960 niet goed kan uitleggen.

    @

    Afbeelding: Super Qix

    Deze bijdrage verscheen eerder in de PZC, in de rubriek Barcodes.
 
Heeft u vragen of hulp nodig?
Bel onze klantenservice voor gratis hulp.

Telefoon: 053 - 711 8003
(7 dagen per week geopend van 09:00 tot 21:00 uur).

#dagwaarde tweets